1940 - 1945

JDC
Biografien Verzetsleden

Karel Bailleul (1911-1995) pseudoniem "Leopold" - Indicatief VN/186/I/2
Commandant van het Geheim Leger, indicatief VN/186/I/2. Zoon van Alfons, zelfstandig steenkapper en Celia Ternier. Studies te Veurne, aan het College en de Teken-en Nijverheidschool.
Lid en schatbewaarder van de muziek-maatschappij De Melomanen en het St-Niklaaskoor.
Commandant van de luchtbescherming. Oprichter en Commandant van het Geheim Leger te Veurne.

Frans Bergmans (1919 - mei 2016)
Zoon van een beroepsonderofficier. Tijdens de veldtocht van 1940 is hij Wachtmeester, kandidaat officier bij het 1ste Artillerie.
Op 28 Mei wordt hij te Moorslede krijgsgevangene genomen en verblijft hij tot December 1940 in Sandborstel, in stalag XB.
Na zijn invrijheidsstelling komt hij samen met zijn broer Jozef terecht bij de Inlichtingendienst Luc-Marc, die onder leiding staat van Marcel Thomas uit Veurne.
Op 8 Juli 1942 worden de twee broers aangehouden en overgebracht naar het hoofdkwartier van de Geheime Feldpolizei in Saint-Malo. Ze werden mishandeld en verbleven achtereenvolgens in Duinkerke, Brugge en Saint-Gilles (Brussel). Na nieuwe ondervragingen worden ze naar het concentratiekamp van Esterwegen gevoerd. Frans belandt dan in het kamp van Flossenburg, Jozef in Untermassfeld.
In Mei 1945 brengen de Tsjechische bevrijders hem naar een Praagse kliniek, maar hij is uitgeput.
In 1947 trekt hij naar de Militaire School, maar moet onderbreken wegens een ernstige longaandoening. Na volledig herstel begint hij definitief aan zijn militaire loopbaan.

Jozef Bergmans (De Panne 14 maart 1918-2003). Middelbare studies : pupillenschool Aalst en Cadettenschool St-Truiden, 1939 : Koninklijke MIlitaire School. Achttiendaagse veldtocht van 10 t/m 28 mei 1940. Krijgsgevangene van 28 mei tot 14 december 1940. Vanaf eind Januari 1941 : hoofd Luc-Marc Kust (Nieuwpoort, Oostduinkerke, Koksijde, De Panne).
Werd aangehouden door de Duitsers op 8 juli 1942.
Opgesloten en ondervraaagd te Malo-les-Bains, Duinkerke, Brugge. Overgebracht naar Duitsland in November 1942, achtereenvolgens in de kampen Bochum, Esterwegen, Untermansfeld.
Terugkeer naar België eind April 1945.

Beëindiging studies Koninklijke Militaire School in 1945. Van 1946 tot 1949 repetitor leerstoel Krijgsgeschiedenis (KMS). In 1949 vertrek naar de BSD (Duitsland) voor het uitbouwen verdere loopbaan als Infanterie Officier.
In 1958 bevorderd tot de graad van majoor.. In 1974 op rust gesteld.
Overleden op 11 December 2003.

Georges Bouserie (1914)
Gehuwd met Marie-Jose Huyse.
was de verbindingspersoon tussen Romain Depoorter en de verschillende groepen. Net als Ferdinand Gouwy behoorde hij, in Mei '40, bij het 2de Licht Regiment van de rijskwacht. Hij liet zich vrijwel onmiddelijk door R. Depoorter bij het Geheim Leger inlijven en werd Depoorters rechterhand. Toen Julien Demolder in '43 werd neersgeschoten en A. Ryckman (zie biografie) moest onderduiken, fungeerde hij als koerier tussen Depoorter in Veurne en groepen in Adinkerke, De Panne, Diksmuide.
Hij verspreidde ook de sluikkranten "De Vrije Belg", "La Libre Belgique" en organiseerde kleine sabotagedagen.
Bij de bevrijding hielp hij, met Depoorter, in de verbinding met het Franse Verzet te Bray-Dunes.
Op 1 Juli 1944 werd hij tot Wachtmeester 1ste Klas benoemd.

Willy Delanoye
1ste Sergeant-majoor van het 3de Linieregiment uit Oostende. Gehuwd met Bertha Demolder, zus van Julien.
Hij stond in verbinding met pater Van Craeynest (alias Dupondt) die werkte voor de inlichtingendienst "Banco" (stichters Emmanuel Jooris en Joseph Romainville). Overste van Wachtmeester Romain Depoorter in de verzetsgroepering.

Julien Demolder (1913)
Zoon van vishandelaar Camiel (1886) en Alicia Vanzeebrouck, die de herberg "In de paraplu" te Veurne openhield.
Na zijn lagere studies koos hij wielrenner te worden. Hij huwde met Georgette Vandeponseele, één zoon, Maurice.
Na Veurne en Lessines, woonde het gezin in de Barkenlaan in De Panne. Daar werd hij in het Verzet betrokken door zijn schoonbroer, Willy Delanoye uit Oostende (zie hoger).
Als beroepsrenner kon hij wekelijks rapporten met inlichtingen overbrengen naar Middelkerke en Oostende. Eind '41 kwam hij terecht in het Geheim Leger van Adrien Ryckman. Hij verzorgde eveneens koerierdiensten buiten het Sperrgebiet, naar Ieper en Houthulst, bij provinciecommandant Hubert de Groote.
Hij voerde, samen met Romain Depoorter, sabotagedaden uit en verdeelde de sluikkranten "De Vrije Belg", "La Libre Belgique", "De Schandpaal".
Onder de schuilnaam Serge, deed hij verbindingen per fiets voor de inlichtingendiensten "Banco" en "Luc-Marc".

Op 4 December '43 werd hij in De Panne aangehouden door de GFP en overgebracht naar de Ortskommandantur (waarschijnlijk Zeelaan, 140 - gebouw Soyphy- gesloopt in sept. 2008). Hij werd ondervraagd en zwaar geslagen. Hij kon profiteren van een onbewaakt moment en liep de Zeelaan in. Hoek Koksijdelaan (thans Demolderlaan) werd hij neergeschoten en viel hij.
Demolder kreeg zorgen van dokter Charlet, oorlogsburgemeester en officier van de Dietse-Militie Zwarte Brigade in De Panne. 's Anderendaags overleed hij in de St-Augustinuskliniek te Veurne.
Na de oorlog, in December '45, hield het Geheim Leger, groep De Panne, in aanwezigheid van Reserve-kolonel Robert Lentz, een herdenkingshulde en bracht een gedenkteken aan op de plaats waar Demolder viel. De Koksijdelaan heette voortaan Julien Demolderlaan.
Vader Camiel verstrekte inlichtingen over het treinverkeer aan zijn zoon of aan Ryckman. Eind '43 moest hij onderduiken, want opgezocht wegens het schuilhouden van een ontsnapte werkweigeraar.

ZIE AFBEELDINGEN
Hoofdstuk Gebouwen/betekenis van de straatnamen/Demolderlaan

Romain Depoorter (1906)
Zoon van Henri, rijkswachter en Leonie Priem. Gehuwd in 1933 met Lucie Spetebroot (1912), 4 kinderen. Hij liep school in Poperinge en in 1926 vervulde hij zijn militaire dienstplicht bij het 13de Artillerieregiment. In 1930 trad hij in bij de rijkswacht te Brugge, nadien te Veurne.
Vanaf 1942 sloot Adrien Ryckman Depoorter als hulpagent aan bij de "IAD Luc-Marc" (deknaam Robert). hij verspreidde ook sluikpers.
Noch Depoorter, noch Gouwy werden door de Duitse politie ondervraagd of opgepakt. Ze hadden dat voor en stuk te danken aan de "vrije" status waarvan de rijkswachters genoten. Ze droegen een wapen en beschikten over een speciale "Schein".
Echtgenote Lucie werd ook betrokken in de verzetsorganisatie rond Willy Delanoye. Bij de bevrijding trad ze op als verbindingspersoon tussen de oversten en hun manschappen.

Ferdinand Gouwy (1909), grondlegger van het Geheim Leger in het Veurnse. Zoon van een landbouwer. Hij volgde Grieks-Latijn aan het college van Poperinge. In 1930 werd hij vrijwilliger bij de rijkswacht. In 1940 was hij Adjunct bij de Commandant van de 1ste Groep van het 2de Licht Regiment, een strijdende rijkswachteenheid, waarvan hij sedert 1939 deel uitmaakte. In Mei '40, na slag geleverd te hebben in de omgeving van Tielt, werden de manschappen van het regiment als krijgsgevangenen overgebracht naar Dudzele en Assenede.
Na een aantal dagen gaf de bezetter hen het bevel opnieuw hun ambt bij de rijkswacht op te nemen. Gouwy werd aangesteld als Commandant van het 4de Eskadron van de 2de Mobiele Groep. In Mei '41 werd hij districtcommandant te Veurne.
Kort na zijn aankomst verneemt hij dat zijn goede vriend, Romain Depoorter, tot een verzetsgroepering behoorde, er ontstond tussen beiden onmiddelijk een vertrouwensband.

Adrien Ryckman (Adinkerke 1902), gehuwd met Alice Matte. Hij was soldaat in het reservekader, werd op 30 Mei 1940 gedemobiliseerd en niet gevangen genomen. Echtgenote Alice had een handel in luxe-kledij "La Vogue". Hijzelf had een toestel uitgevonden om tennisrackets automatisch op te spannen. Ryckman hield zich ook bezig met de smokkel van sigaretten uit Nederland.
Sectorbevelhebber van het Geheim Leger.

Marcel Thomas (1917)
Zoon van Louise Degroote, stiefvader Achille Deweerdt.
Toen de oorlog uitbrak studeerde hij geneeskunde aan de "Université Libre de Bruxelles", waarlangs hij eind 1940 in betrekking kwam met het Verzet.
Hij richtte enerzijds een groep milities op voor de gewapende weerstand (afhankelijk van het Geheim Leger via Gerard Maes uit Oostende), anderzijds onder het indicatief VN/186/1, een inlichtingennet. Beide zouden afhankelijk worden van de "IAD Luc-Marc".

Jozef Vandecasteele (1917). Indicatief VN/Kha.O
Na humanoria in het noviciaat en zijn militairedienst, werd hij bediende. Hij huwde met Odile Vermeersch (1910).
Rond 1941 was hij bediende op het Arbeitsambt te Veurne.
Hij werd gerecruteerd door Georges Van Calster, in het inlichtingennet.
In Juli '42 nam hij het roer van de sector in handen.

Als VNV-lid voelde hij zich veilig, maar hij werd aangehouden op 24 Juli '44.

Hubert Van Tongerloo (1899)
Gehuwd met Alice De Bremme. In 1932, dienst als Opperwachtmeester te Veurne. Tussenpersoon in de groep Karel Bailleul.
Na de bevrijding werd hij dienstdoend districtcommandant van Veurne.

Naar
de thesis van Jan Laplasse "Veurne, een kleine provinciestad tijdens wereldoorlog II", vriendelijk ter beschikking gesteld door Andre en Arlette Laplasse.
"De Bevrijding in Beeld", Wilfried Pauwels en Carlos Van Louwe, uitg. De Klaproos.
Supervisor Generaal Frans Bergmans, met dank.